AmsterdamPost

Palestijnse boycot is ”verdragsbreuk”

Door: E.J. Bron

Mandarijnen-IsraelTerwijl de Palestijnse regering heeft besloten tot een boycot van de producten uit de ”illegale” Israëlische nederzettingen, protesteren de Palestijnse vakbonden tegen het wegnemen van werkvergunningen voor Palestijnse arbeiders in de nederzettingen. Het in beslag nemen van producten uit de nederzettingen zou overeenkomen met een Palestijnse verdragsbreuk, zeggen de Israëli’s nu.

”De Palestijnse boycot van goederen uit de nederzettingen in bezet gebied is een verdragsbreuk. Bovendien schaden de Palestijnen zichzelf met de boycot”, zei Arieh Seif, de voormalige chef van de Israëlische douane- en BTW-autoriteit. Seif legde uit, dat Israël invoerrechten en belastingen aan de Palestijnse autoriteit zou heffen voor de geëxporteerde goederen en iedere maand ”honderden miljoenen sjekels overmaakt.” Volgens de informatie van Seif bepalen deze gelden voor een ”aanzienlijk deel de begroting van de Palestijnse Autoriteit”.

Seif refereert aan de in 1994 door Ahmad Kureia ondertekende ”Parijse economische verdragen”. Daarin verplichtten beide zijden zich tot een ”ongehinderde en vrije toegang van agrarische (en industriële) producten”. Het verdrag staat het de Palestijnse Autoriteit toe om de toegang van Israëlische arbeiders in gebieden onder hun controle te beperken, echter niet omgekeerd, dus het recht van vrije vestiging van Palestijnse arbeiders in door Israël gecontroleerd gebied. Daartoe behoren ook de nederzettingen op de westelijke Jordaanoever. Beide zijden zouden moeten ”proberen” om een ”normaliteit van de beweging van arbeiders” in stand te houden.

Nog maar weinig Palestijnen krijgen een speciale vergunning

Daadwerkelijk vinden op dit moment ongeveer 30.000 Palestijnen werk in de nederzettingen: in de bouw, in de landbouw of in de industriegebieden. Israël verstrekt echter vanwege de terreuraanslagen sinds het uitbreken van de Tweede Intifada in het jaar 2000 nog maar aan weinig Palestijnen een speciale vergunning om in Israël te werken. Voor de opstanden kwamen er dagelijks meer dan 120.000 Palestijnse arbeiders naar Israël.

In artikel 9 van het Parijse verdrag verzekeren beide zijden ”hun best te doen om de industrie van de andere zijde geen schade toe te voegen”. De afgelopen tijd trad de Palestijnse politie in Nablus, Hebron en andere steden op tegen producten uit nederzettingen. Ze werden gedeeltelijk in het bijzijn van regeringsvertegenwoordigers geconfisqueerd en in het openbaar verbrand.

De nederzettingen zouden een ”aanval op de Palestijnen en volkenrechtelijk illegaal” zijn, heette het in februari in een Palestijnse kabinetsbeslissing, nadat de Palestijnse veiligheidsdiensten een vrachtwagen vol kalkoenen hadden gesnapt, die niet uit de Palestijnse stad Dschenin kwam – wat de chauffeur beweerde –, maar het gevogelte van een nederzetting naar Bethlehem ”wilde smokkelen”.

”Met ijzeren vuist” in de concurrentiestrijd

De gouverneur van Bethlehem, Abdul Fattah Hamajil, beloofde ”met ijzeren vuist” tegen iedere poging op te treden de nationale Palestijnse economie schade toe te voegen. Terwijl de wet van de huidige regering ideologisch met haar strijd tegen de nederzettingen werd verpakt, schijnt het veelmeer om een puur economische concurrentiestrijd te gaan. Zoals het Palestijnse persagentschap ”Ma’an” bericht, verklaarde de regering bovendien: ”Deze beslissing is een fundamentele stap om de nationale economie te versterken en Palestijnse producten te ondersteunen.”

In een ander geval zou volgens het persagentschap een niet met name genoemde Israëlische ondernemer 400 werkvergunningen van Palestijnse arbeiders in de ”illegale” nederzettingen Kirijat Sefer, Modi’in, Benjamin en Karkur hebben ingetrokken. Schaher Sa’d, secretaris-generaal van de Palestijnse vereniging van arbeidersvakbonden, veroordeelde de stap, in plaats van het te begroeten dat Palestijnen niet meer meedoen aan de opbouw van nederzettingen.

Hussen Chalifa, een vakbondslid in Ramallah, riep de Palestijnse regering er zelfs toe op om te interveniëren, om het voor de werkeloze Palestijnse arbeiders opnieuw mogelijk te maken te werken in de nederzettingen. Volgens een bericht van ”Ma’an” zijn Palestijnen bereid om meer dan € 200,- voor een vals identiteitsbewijs te betalen, alleen om met een hoger Israëlisch loon in de nederzettingen te kunnen werken.

Bron:

http://tinyurl.com/yzb8csl

Auteur: Ulrich W. Sahm

Vertaald uit het Duits door:

E.J. Bron

49 views
Geplaatst door: E.J. Bron op 11 mrt 2010. Gearchiveerd onder E.J. Bron. U kunt de reacties op dit artikel volgen via RSS 2.0. Reacties en pingen zijn gesloten.
doneert!
Uw banner ook hier?

Reacties zijn gesloten

Foto galerie

Beter dan belasting betalen:

Steunt allen gul de eenige ware patriottische courant van gansch Nederland!


Of:
Bank: 499 007 492
IBAN: NL25 ABNA 0499 007 492
T.n.v. J.Mollema, Amsterdam
(Daar zal je 'm net hebben...)
O.v.v. Amsterdam Post
Inloggen